Draagbare trapliften en installatie in Nederland 2026

In Nederland is het sinds 2026 niet verplicht om draagbare trapliften te installeren. Deze trapliften worden vaak als maatwerkvoorziening binnen de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) verstrekt, waarbij de toepassing en installatie afhangt van individuele behoeften en zelfredzaamheid van de gebruiker.

Draagbare trapliften en installatie in Nederland 2026

Trapliften volgens Wet maatschappelijke ondersteuning 2015

Trapliften, waaronder vaste en draagbare varianten, worden vaak verstrekt binnen de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) 2015. Deze wet ondersteunt mensen die moeite hebben met traplopen zodat zij zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen. Draagbare trapliften worden flexibiliteit geboden door hun mobiel karakter en vereisen doorgaans geen permanente installatie.

Verschil tussen vaste en draagbare trapliften

Vaste trapliften

Vaste trapliften worden permanent geïnstalleerd op de trap. Dit type traplift vermindert doorgaans de bruikbaarheid en breedte van de trap, wat gevolgen kan hebben voor medebewoners. De installatie moet voldoen aan bouwvoorschriften en eisen vanuit het Bouwbesluit 2012, zoals voldoende ruimte en veiligheid voor overige trapgebruikers.

Draagbare trapliften

Draagbare trapliften, ook wel trappenklimmers genoemd, zijn mobiele apparaten die niet permanent aan de trap bevestigd zijn. Ze kunnen worden ingezet wanneer vaste trapliften niet passend zijn en bieden een alternatief dat minder impact heeft op de beschikbare trapruimte. Gebruik hiervan is afhankelijk van de mogelijkheden van de gebruiker en de situatie in huis.

Regelgeving en bouwvoorschriften

Het Bouwbesluit 2012 bevat geen specifieke eisen voor trapliften, maar er gelden algemene veiligheidsvoorschriften voor trappen in bestaande woningen. Dit betekent dat bij het plaatsen van trapliften, vaste of draagbare, rekening gehouden moet worden met de minimale breedte van de trap, leuningen en voldoende bewegingsruimte.

Recent onderzoek en Kamervragen uit 2024 benadrukken dat sommige gemeenten nog steeds niet volledig voldoen aan deze voorschriften bij het verstrekken van trapliften via de Wmo. Dit kan gevolgen hebben voor de veiligheid en valpreventie van gebruikers en huisgenoten.

Maatwerkvoorziening en beoordeling

De toekenning van trapliften binnen de Wmo gebeurt altijd op basis van een individuele beoordeling. Daarbij wordt gekeken naar: - De mate van zelfredzaamheid van de betrokkene - De aanwezigheid van andere mogelijkheden in de woning - Het oordeel van een indicatiesteller of ergotherapeut - Praktische haalbaarheid en veiligheid

Als een draagbare traplift voldoende ondersteuning biedt zonder dat een vaste installatie noodzakelijk is, kan de gemeente besluiten alleen deze voorziening toe te kennen. Dit sluit aan bij het streven om mensen zo lang mogelijk zelfstandig en met behoud van eigen kracht te ondersteunen.

Veiligheid en gebruik

Bij het gebruik van trapliften is veiligheid een belangrijk aandachtspunt. Dit geldt voor zowel vaste als draagbare liften. Vastgestelde normen en aanbevelingen richten zich op het waarborgen van voldoende grip, stabiel gebruik en minimale hindering op de trap voor andere bewoners. Gebruikers moeten goed worden geïnformeerd over correcte bediening en onderhoud.

Typische kosten in Nederland (2026)

Trapliften kennen een breed scala aan kosten, afhankelijk van het type en de situatie. Indicatieve prijzen zijn:

  • Draagbare trapliften: meestal tussen €1.500 en €4.000. Dit betreft een mobiele oplossing die geen installatie vereist.
  • Vaste trapliften: kosten liggen vaak tussen €3.000 en €10.000, afhankelijk van traplengte, bochten en montagecomplexiteit.
  • Extra aanpassingen: zoals veiligheidsvoorzieningen, onderhoud en eventuele renovaties kunnen additionele kosten met zich meebrengen.

Deze bedragen zijn richtlijnen en kunnen per situatie en leverancier verschillen. Gemeenten beoordelen de benodigde voorziening binnen het maatwerkproces en maken een inschatting op basis van individuele omstandigheden.

Conclusie

In 2026 geldt in Nederland dat draagbare trapliften niet standaard geïnstalleerd hoeven te worden. Binnen de Wmo wordt een trapliftvoorziening afgestemd op persoonlijke situatie en behoeften, waarbij ook het behouden van zelfredzaamheid centraal staat. Bouwvoorschriften en veiligheidsaspecten blijven belangrijke aandachtspunten bij zowel installatie als gebruik van trapliften.